nl

Fosfolipiden Uitwisselingstherapie

Chemicaliën zoals pesticiden, conserveringsmiddelen en vele andere stoffen worden voor langere tijd in lichaamsvet opgeslagen. Deze potentieel giftige stoffen interfereren met de werking van de organen, maar vooral van het zenuwstelsel en het afweersysteem. Vetachtige stoffen kunnen eigenlijk maar op op één manier geneutraliseerd en uitgescheiden worden, en dat is via de lever naar de gal. Er is nog een manier: vettige gifstoffen worden ook in moedermelk gevonden. Dat is goed voor de moeder die haar gif kwijt is, maar slecht voor de pasgeboren baby.

Fosfolipiden uitwisseling wordt al een tijd toegepast. Fosfolipiden zijn vetachtige voedingsstoffen die de basis vormen van alle celmembranen, de buitenste schil van elke cel in het lichaam. Fosfolipiden komen voor in voeding zoals ei en lecithine. Medicinaal kunnen Fosfolipiden oraal als ook intraveneus worden toegediend. Er bestaat veel literatuur over veiligheid en effectiviteit bij meerdere aandoeningen, zoals neurodegeneratie (ziekte van Parkinson), hart en vaatziekten, leverschade, nierproblemen en auto-immuun aandoeningen.
Van belang is een goede vorm van Fosfolipiden te geven, want vele giftige stoffen zijn vetoplosbaar, zoals organofosfaten en organochloride pesticiden, dioxines, PCB’s en toxische metalen, zoals lood en kwik. Omdat alle communicatie tussen cellen onderling en de opname van voedingsstoffen via de celmembraan gebeurt, is het van belang, dat deze membraan zo goed mogelijk functioneert. Daarvoor zijn intacte Fosfolipiden onontbeerlijk. Celmembranen zijn feitelijk opgebouwd uit twee lagen van Fosfolipiden die als het ware over elkaar heen kunnen glijden. Een reden waarom consumptie van teveel dierlijk vlees slecht is, komt doordat de samenstelling van de celmembranen verandert in stoffen met ontstekingsbevorderende en vaatvernauwende eigenschappen. Om dezelfde reden zijn visvetten juist goed. Maar zowel vlees en vis bevatten tegenwoordig ook veel chemicaliën die een slechte uitwerking op de celmembranen hebben.

Een ander belangrijk ingrediënt is Glutathion. Dit tripeptide, een klein eiwitmolecuul gevormd uit drie aminozuren, is het ‘meester’ antioxidant molecuul en belangrijkste middel om te kunnen ontgiften. Als deze stof na de Fosfolipiden wordt toegediend, dan kunnen de uit de celmembranen losgekomen toxines geneutraliseerd en geëlimineerd worden. Het ontgiftingsproces via de lever en gal wordt gestimuleerd en de opname van gifstoffen vanuit de darm wordt geminimaliseerd.
Bijwerkingen worden zelden vermeld. Bij individuele gevoeligheid kan de ader waarin de Fosfolipiden gespoten worden, geïrriteerd raken; een bijwerking die bij iedere intraveneuze behandeling kan optreden.
Gunstige effecten zijn beschreven bij de ziekte van Parkinson, multipele sclerose, Autisme, chronisch vermoeidheidssyndroom, fibromyalgie, reumatoïde artritis, de ziekte van Lyme en bij ernstige lever en nieraandoeningen.
Fosfolipiden uitwisselingstherapie voor hart en vaatziekten gebeurt in de regel eerst na een aantal behandelingen met magnesium EDTA chelatietherapie.

Bilayer2

Gekleurde elektronenmicroscopischopname van celmembraan

Bilayer4

Een celmebraan scheidt het externe milieu van het milieu in de cel. Communicatie tussen de cellen en de opname van stoffen gebeurt via de celmembraan. Een intacte celmembraan is een voorwaarde voor een goede gezondheid. Tijdens het ouder worden en vooral bij vele, Westerse aandoeningen worden veel toxines in de celmembranen opgeslagen. Hierdoor gaan de cellen op den duur minder goed functioneren met alle gevolgen van dien.